Abstract
Op 25 mei 2018 is de Algemene verordening gegevensbescherming (‘AVG’) in werking getreden. Op grond van de AVG moet er een rechtmatige grondslag zijn om persoonsgegevens te mogen verwerken. In deze bijdrage wordt antwoord gegeven op de vraag op welke verwerkingsgrondslag(en) de curator zich kan baseren ten aanzien van de verwerking van persoonsgegevens rondom de verkoop van een klantenbestand in faillissement. Daarbij ligt de focus op de verwerking van ‘gewone’ persoonsgegevens en de verwerkingsgrondslagen van art. 6 AVG. Er wordt niet alleen aandacht besteed aan het huidige recht, maar ook aan toekomstige wetgeving met het oog op de Verzamelwet gegevensbescherming die op 20 mei 2025 is aangenomen door de Tweede Kamer en op dit moment in behandeling is bij de Eerste Kamer. Na een analyse van het huidige en toekomstige wettelijk kader, worden enkele praktische handvatten geboden, mede in de vorm van een beslisboom.
| Original language | Dutch |
|---|---|
| Article number | UDH:TvCu/56600 |
| Pages (from-to) | 113-126 |
| Journal | Tijdschrift voor curatoren |
| Volume | 2025 |
| Issue number | 4 |
| Publication status | Published - 2025 |
Keywords
- AVG
- Klantenbestanden
- Curator
Cite this
- APA
- Author
- BIBTEX
- Harvard
- Standard
- RIS
- Vancouver