ANNA KARENINA, DE WORSTELING MET SCHOPENHAUER
: DE INVLOED VAN ARTHUR SCHOPENHAUER OP DE LEVENSBESCHOUWING VAN LEV TOLSTOJ GEDURENDE DE PERIODE 1870-1877

Translated title of the thesis: ANNA KARENINA, THE STRUGGLE WITH SCHOPENHAUER : THE INFLUENCE OF ARTHUR SCHOPENHAUER ON THE PHILOSOPHY OF LEV TOLSTOJ DURING THE PERIOD 1870 -1877
  • J. Klein

Student thesis: Master's Thesis

Abstract

n deze masterscriptie is onderzocht welke veranderingen aanwezig zijn in het wetenschappelijk debat over de invloed van de filosofie van Arthur Schopenhauer (1788-1860) op de levensbeschouwing van de auteur Lev Tolstoj (1828-1910). Het onderzoek beperkt zich tot de periode waarin Tolstoj werkte aan de totstandkoming van zijn roman Anna Karenina (1877). Met behulp van zeven onderzoeksvragen zijn publicaties van vier Tolstoj-deskundigen geanalyseerd – te weten het werk van Boris Eikhenbaum (1886-1959), Sigrid Helga Maurer (1940-2015), Donna Tussing Orwin (1947-heden) en Emily Alta Shaw (1978?-heden?) – met de bedoeling na te gaan in hoeverre hun standpunten over de invloed van de filosoof op het denken van de romanschrijver overeenkomsten dan wel verschillen vertonen
De vier deskundigen zijn het erover eens dat de theorie van de ontkenning van de wil het meest invloedrijke aspect van de filosofie van Schopenhauer is dat in Anna Karenina doordringt. De opvattingen van Schopenhauer over de gevaren van persoonlijke verlangens leidden tot een spirituele zoektocht, die Tolstoj zichtbaar maakt in Anna Karenina. De uitkomst van deze morele worsteling wordt door de vier deskundigen op zeer verschillende wijze beoordeeld.
Volgens Eikhenbaum, Maurer en Orwin is er een zichtbare invloed van Schopenhauer in de roman aanwezig: de romanfiguur Anna is de personificatie van Schopenhauers levenswil; Anna is het slachtoffer van de passie en vergaat. In het laatste deel van Anna Karenina probeert Tolstoj afstand te nemen van Schopenhauer, wat kan worden verklaard door het verschil in ethische posities. De religieuze meditaties van de romanfiguur Levin tonen de worsteling van Tolstoj om zich te verweren tegen het pessimisme van Schopenhauer. Eikhenbaum meent dat Levin gered wordt, omdat hij naar een morele oplossing streeft, maar wordt tegengesproken door de overige drie deskundigen: volgens Shaw wordt de existentiële crisis van Levin niet ongedaan gemaakt, Orwin beweert dat Levin zijn pessimistische gemoedstoestand niet te boven komt en Maurer betoogt dat het resultaat van de wanhopige worsteling van Levin ongeloofwaardig overkomt.
Shaw neemt in het debat een afwijkende positie in. Zij herkent in de wijze waarop de personages in Anna Karenina verschijnen Tolstojs voorstel voor een grondige wijziging van de leer van Schopenhauers zelfverloochening en beweert dat Tolstoj ijn morele worsteling succesvol weet te voltooien. Anders dan Eikhenbaum en Maurer veronderstellen, is het volgens Shaw níét de bedoeling van Tolstoj om het seksuele verlangen te erkennen als de sterkste uiting van de wil, maar wil de schrijver laten zien dat de ondergang van Anna het gevolg is van haar kwaadaardige misbruik van empathie. Shaw meent dat Tolstoj in Anna Karenina laat zien dat de mens zijn deugdzaamheid kan bevorderen, mits hij zich onthoudt van extreem hedonisme en afwijkend sociaal gedrag en een balans weet te vinden tussen zelfbevestiging en empathie
Date of Award2 Mar 2021
Original languageDutch
Awarding Institution
  • Department of Cultural Studies
SupervisorJeroen Vanheste (Supervisor) & Herman Simissen (Examinator)

Keywords

  • Lev Tolstoj
  • Anna Karenina
  • Arthur Schopenhauer

Cite this

'