De grenzen van de vrijheid van meningsuiting (van de werknemer) in het kader van de uitoefening van de arbeidsovereenkomst

  • Jacqueline van Midden

Student thesis: Master's Thesis

Abstract

Het aantal werknemers dat via social media zijn mening ventileert groeit exponentieel. Social media kunnen voor werknemers echter een gemakkelijke verleiding vormen om zich negatief uit te laten over de werkgever of (abusievelijk) vertrouwelijke bedrijfsgegevens bekend te maken. Daarom willen werkgevers graag bepalen wat de werknemer in de buitenwereld zegt over het bedrijf. De vraag is hoever de werkgever kan gaan en waar de grenzen van de vrijheid van meningsuiting van de werknemer in zicht komen. De grenzen van de vrijheid van meningsuiting van de werknemer moeten niet worden gezocht in de beperkingsclausules die zijn neergelegd in de grondwettelijke of verdragsbepalingen zoals art. 7 GW en art. 10 EVRM. De grenzen van de vrijheid van meningsuiting van de werknemer vloeien voort uit de arbeidsovereenkomst en de daarmee samenhangende bepalingen die zijn opgenomen in Boek 7 titel 10 BW, zoals de geheimhoudingsplicht, de instructiebevoegdheid van de werkgever en de plicht van goed werkgever- en goed werknemerschap. De beoordeling of het al dan niet een rechtmatige uiting betreft, is een belangenafweging, waarbij door de rechter rekening wordt gehouden met alle relevante omstandigheden van het geval.
Date of Award1 Nov 2012
Original languageDutch
Awarding Institution
  • Department Private law
SupervisorHelma Severeyns - Wijenbergh (Examinator)

Cite this

De grenzen van de vrijheid van meningsuiting (van de werknemer) in het kader van de uitoefening van de arbeidsovereenkomst
Midden, J. V. (Author). 1 Nov 2012

Student thesis: Master's Thesis