Een Verkenning van de Bijdrage van een Participatief Ontwerptraject aan Motivatie voor Deelname aan een Virtuele Community of Practice door Leerkrachten in het Primair Onderwijs

Translated title of the thesis: An Exploration of the Contribution of a Participatory Design Process to Motivation for Participation in a Virtual Community of Practice by Teachers in Primary Education
  • I. Rozenboom-de Vries

    Student thesis: Master's Thesis

    Abstract

    Achtergrond - Virtueel netwerkleren is een steeds belangrijkere bron van professionalisering onder leerkrachten. Een mogelijke vorm van netwerkleren is een Community of Practice [CoP], waarin professionals door interactie samen leren hoe ze hun praktijk kunnen verbeteren. De intentie van leerkrachten om deel te nemen aan relevante professionaliseringsactiviteiten wordt voorspeld door autonome motivatie. Vanuit de zelfdeterminatietheorie van Ryan & Deci (2000) is bekend dat autonome motivatie voortkomt uit de bevrediging van de psychologische basisbehoeftes tot verbondenheid, autonomie en competentie. Doel - Er is nauwelijks onderzoek beschikbaar naar ontwerptrajecten die bijdragen aan motivatie tot deelname aan een Virtuele CoP [VCoP]. Het doel van dit onderzoek is om de bijdrage van een participatief ontwerptraject aan de motivatie van leerkrachten om deel te nemen aan een VCoP te verkennen. Deelnemers, procedure, onderzoeksontwerp – De deelnemers zijn benaderd voor deelname tijdens een verdiepingstraining muziek (N=12), waarvoor zij zich vrijwillig hadden opgegeven. Elf (N=11) deelnemers namen daadwerkelijk deel aan de studie. Vervolgens werden zij verzocht om deel te nemen aan het participatief ontwerptraject, waarop vier (N=4) deelnemers besloten deel te nemen. Onder de deelnemers waren twee vrouwen van 40-50 jaar, één vrouw van in de 60 en één man van in de 20 jaar. Het participatief ontwerptraject betrof het ontwerpen van een VCoP over muziekonderwijs. Meetinstrumenten – De elf respondenten vulden een vragenlijst over hun motivatie en vervulling van psychologische basisbehoeftes in. Deze vragenlijst is gebaseerd op de Basic Psychological Need Satisfaction and Frustration Scale (Chen et al., 2015) en de SRQ-a vragenlijst van Ryan en Connell (1989). De vier deelnemers aan het ontwerptraject namen deel aan een participatief ontwerptraject bestaande uit twee ontwerpbijeenkomsten. Het participatief ontwerptraject volgde de eerste drie stappen van het PCCD-proces (Preece, Abras & Maloney-Krichmar, 2004): behoeftes verkennen, technologie selecteren en prototype testen. Na afloop van het participatief ontwerptraject werden de deelnemers individueel geïnterviewd over de invloed van het participatief ontwerptraject op hun ideeën over het gebruik van de VCoP. Hiervoor is een gespreksleidraad opgesteld waarbij de psychologische basisbehoeftes en motivatie bevraagd werden. Resultaten – De deelnemers zijn voorafgaand aan het participatief ontwerptraject al inhoudelijk competent; gedurende het ontwerptraject is hun autonomie, verbondenheid en technische competentie vergroot. De autonomie is vergroot doordat de deelnemers eigenaarschap over de invulling van de VCoP kregen. De verbondenheid is vergroot doordat de deelnemers elkaar ontmoetten en aan een gezamenlijk doel werkten. De technische competentie is vergroot door het testen van de omgeving tijdens het ontwerptraject. Daarnaast lijkt werkdruk de motivatie te beïnvloeden. Conclusie – Een participatief ontwerptraject kan bijdragen aan de bevrediging van onderdelen van psychologische basisbehoeftes en daarmee aan motivatie tot deelname van een VCoP. Naast autonomie en verbondenheid zijn technische competentie en werkdruk belangrijke onderdelen van een participatief ontwerptraject.
    Date of Award22 May 2019
    Original languageDutch
    SupervisorSteven Verjans (Supervisor)

    Keywords

    • participatief ontwerpen
    • virtuele community of practice
    • motivatie
    • zelfdeterminatietheorie
    • psychologische basisbehoeftes
    • primair onderwijs
    • leerkrachten

    Cite this

    '