Het belanghebbende-begrip in de Wabo

: Hoe moet de kring van derde-belanghebbenden bij toepassing van de Wabo worden bepaald?

  • Evert Gerritse

    Student thesis: Master's Thesis

    Abstract

    In deze scriptie wordt onderzoek gedaan naar het antwoord op de vraag “hoe de kring van derde-belanghebbenden bij toepassing van de Wabo moet worden bepaald?” Hiertoe zijn, voorafgaand aan de vaststelling van de Wabo, in de literatuur diverse varianten aangedragen, doch de conclusies welke variant de voorkeur geniet zijn niet eenduidig. In afwijking van het reeds ingenomen standpunt van de Afdeling bestuursrechtspraak, waarbij de Afdeling voor de belanghebbendheid niet langer aanknoopt bij het besluitbegrip van de Awb maar bij de afzonderlijke toestemming (besluitonderdeel), welke benadering ik in strijd met de wet acht, concludeer ik dat de kring van derde-belanghebbenden bepaald moet worden met behulp van de variant, waarin de ontvankelijkheid wordt vastgesteld op basis van één materiele wet en wel die de meest ruime kring van belanghebbenden kent. Deze variant sluit aan bij het gestelde in artikel 1:2 Awb, waarborgd de positie van de derde-belanghebbende optimaal en met het invoeren van een relativiteitsvereiste in het bestuursprocesrecht in de nabije toekomst, is er tevens voldoende zekerheid voor de aanvrager.
    Date of Award16 Jan 2012
    Original languageDutch
    SupervisorBertus Schurink (Supervisor) & Jos Teunissen (Examinator)

    Cite this

    Het belanghebbende-begrip in de Wabo: Hoe moet de kring van derde-belanghebbenden bij toepassing van de Wabo worden bepaald?
    Gerritse, E. (Author). 16 Jan 2012

    Student thesis: Master's Thesis